Kersenboom drastisch snoeien: zo doe je het veilig en op het juiste moment

Leestijd: 3 minuten

Een kersenboom drastisch snoeien kan de boom flink verjongeren of de groei terugdringen, maar het vraagt wel om de juiste aanpak. Snoeien op het verkeerde moment of te ruw ingrijpen zonder plan maakt de kersenboom kwetsbaar voor ziektes, met name de schimmelziekte Monilinia en bacterievuur. Doe je het goed, dan herstelt de boom krachtig en geeft hij weer volop bloesem en vruchten.

Wanneer kun je een kersenboom drastisch snoeien?

De beste periode voor drastisch snoeien is tussen half april en september. In de zomer produceert de boom harsgom die wondvlakken afsluit, waardoor schimmels en bacteriën minder kans krijgen om binnen te dringen. Snoeien in het voorjaar, vlak nadat de bladeren uitlopen, heeft als voordeel dat je de boomstructuur goed kunt zien terwijl je weet welke takken al actief zijn.

Vermijd snoeien in de winter of vroeg voorjaar, dus voor half april. Op dat moment is de boom in rust en heeft hij geen verdedigingsmechanisme tegen infecties. Een grote snoeiwond in die periode trekt schimmelsporen aan die via het hout de hele boom kunnen aantasten. Ook regenachtig en vochtig weer is een slechte keuze voor snoeien, ongeacht het seizoen. Kies een droge dag.

Hoe pak je drastisch snoeien aan?

Begin met het bepalen van wat je wilt bereiken. Wil je de boom kleiner houden, een verwaarloosde boom verjongeren, of een te hoge boom terugbrengen tot een werkbare hoogte? Dat doel bepaalt hoeveel je wegzaagt. Snoei nooit meer dan een derde van de totale kroon in één keer weg. Bij een écht verwaarloosde boom verdeel je het snoeien liever over twee of drie jaar.

Gebruik een stap-voor-stap aanpak:

  • Verwijder eerst dood, ziek en beschadigd hout volledig.
  • Zaag daarna takken weg die naar binnen groeien of die kruisen met andere takken.
  • Snoeien twijgen die te dicht op elkaar staan, zodat licht en lucht door de kroon kunnen.
  • Pas als dit klaar is, besluit je of je de kroon verder wilt terugzetten voor hoogte of breedte.
  • Zaag zware takken altijd in drie stappen: eerst een inkeping van onderen (om afscheuren te voorkomen), dan de tak zagen tot hij valt, en daarna de stomp netjes afzagen vlak bij de basisring.

De basisring is de verdikking waar de tak op de stam of moedertak aansluit. Zaag je daar te ver in, dan beschadig je de stam. Laat je een te lange stomp staan, dan sterft die stomp af en wordt hij een ingang voor schimmels. Precies op de ring zagen is dus de gouden regel.

Wondbehandeling na drastisch snoeien

Bij grote snoeiwonden op een kersenboom raden veel hoveniers aan om de wond in te smeren met een wondafdekkingsmiddel op basis van was of koper. Dit beperkt de kans op infectie met Monilinia, een schimmel die via wondvlakken de boom inkruipt en vruchten en twijgen aantast. Of wondsmeer altijd werkt, is in de wetenschap nog onderwerp van discussie, maar bij kersenbomen geldt het als extra voorzorgsmaatregel die weinig kwaad kan.

Werk altijd met schoon, goed geslepen gereedschap. Desinfecteer je zaag en snoeischaar tussen bomen door met alcohol of een verdunde bleekoplossing. Zo voorkom je dat je een eventuele infectie van de ene naar de andere boom overbrengt.

Wat doe je als de boom te hoog is geworden?

Een kersenboom die jaren ongesnoeid is, kan makkelijk acht tot tien meter hoog worden. Terugbrengen naar een beheersbare hoogte doe je door de hoofdtakken terug te zagen tot een zijtak die in de gewenste richting groeit. Die zijtak neemt dan het groeipunt over en wordt de nieuwe hoofdtak. Dit heet “terugsnoeien op een zijtak” en geeft een stuk betere resultaten dan simpelweg de top eraf zagen. Een vlakke snede bovenaan een dikke tak zonder zijtak leidt namelijk tot een woud van wilde scheuten die moeilijk te beheersen zijn.

Zaag je een heel dikke tak (meer dan vijf centimeter dik) terug, zorg dan dat de snede vloeiend aansluit op de ring en niet te diep in de stam gaat. Bij heel zware takken schakel je beter een gecertificeerd boomverzorger in, zeker als de boom boven een gebouw of schutting hangt.

Wat kun je verwachten na drastisch snoeien?

Na forse ingreep reageert een kersenboom met sterke groei van waterloten: rechte, vluggroeiende scheuten zonder bloemaanleg. Die loten zijn op zichzelf niet erg, maar je moet ze het jaar daarna wel selectief verwijderen of inkorten. Laat er een paar zitten op de plekken waar je de kroon wilt opvullen; de rest zaag je weg. Na twee tot drie jaar normaliseert de groei en begint de boom opnieuw bloesem en vruchten te vormen.

Drastisch snoeien zet de boom tijdelijk terug in productie, maar een gezonde kersenboom herstelt goed als je het op het goede moment doet, niet te veel tegelijk weghaalt en de wonden netjes afwerkt. Wie elk jaar een beetje snoeit, hoeft overigens zelden zo drastisch in te grijpen. Beschouw een grote ingreep dus ook als startpunt voor een jaarlijks onderhoudssnoei die de boom beheersbaar houdt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *