De hoogte van een kersenboom varieert sterk, afhankelijk van het ras en de onderstam waarop de boom is geënt. Een jonge kersenboom die je in de winkel koopt, is vaak 125 tot 150 cm hoog. Uitgegroeid kan een kersenboom op een krachtige onderstam gemakkelijk 6 tot 10 meter worden, terwijl compacte rassen op een zwakke onderstam rond de 2 tot 4 meter blijven.
Hoogte bij aankoop versus volwassen hoogte
Wanneer je een kersenboom koopt, zoals de populaire Prunus Karina, is de boom bij levering doorgaans 125 tot 150 cm hoog. Dat is de standaard maat voor een jonge, voor de tuin geschikte boom. Reken er dan op dat de boom de eerste jaren flink doorgroeit. In een jaar kan een kersenboom op een krachtige onderstam 40 tot 80 cm in hoogte toenemen, zeker in de eerste jaren na het planten.
Hoe hoog de boom uiteindelijk wordt, hangt bijna volledig af van de onderstam. Dat is de wortelstok waarop het fruitras is geënt. Een onderstam bepaalt het groeitempo en de uiteindelijke omvang van de boom.
Welke onderstam bepaalt de hoogte van een kersenboom?
Er zijn grofweg drie categorieën onderstammen voor kersenbomen, elk met een andere uiteindelijke hoogte:
- Krachtige onderstam (bv. zoete kers of Mazzard): de boom groeit uit tot 6 tot 10 meter. Geschikt voor grote tuinen of boomgaarden, moeilijker te snoeien en te oogsten op deze hoogte.
- Halfkrachtige onderstam (bv. Colt): eindresultaat rond de 4 tot 6 meter. Een goede middenweg voor een gemiddelde tuin.
- Zwakke of dwergonderstam (bv. Gisela 5): de boom blijft 2 tot 3,5 meter hoog. Ideaal voor kleine tuinen, makkelijk te oogsten, maar vraagt meer voeding en water.
Bij aankoop staat de onderstam niet altijd duidelijk vermeld op het label. Vraag hier altijd naar als je wilt sturen op de uiteindelijke hoogte van je kersenboom.
Kersenboom in een kleine tuin: hoogte beperken
Wil je een kersenboom houden op een behapbare hoogte van 2 tot 3 meter, dan heb je twee opties. De eerste is kiezen voor een ras op een zwakke onderstam zoals Gisela 5. De tweede is regelmatig snoeien, maar daarmee houd je een boom op een krachtige onderstam nooit structureel klein zonder de vitaliteit te schaden.
Snoeien doe je het beste direct na de oogst, in de zomer. Kersbomen zijn gevoelig voor schimmelziekten via snoeiwonden. Snoei je in de winter, dan zijn de wonden lang open en kwetsbaar. Na de oogst sluiten wonden sneller doordat de boom dan nog in actieve groei is.
Hoogte en fruitproductie: wat is de relatie?
Een hogere boom betekent niet automatisch meer fruit. Compacte bomen op een zwakke onderstam beginnen juist eerder vruchten te dragen, soms al in het tweede of derde jaar na aanplant. Bomen op een krachtige onderstam kunnen er 5 tot 7 jaar over doen voordat ze volop produceren. De Prunus Karina, een zelfbevruchtend ras, geeft doorgaans in de tweede helft van juli zijn vruchten, ongeacht de hoogte van de boom.
Koop je een kersenboom voor de vruchten en wil je snel resultaat, kies dan bewust voor een compacte onderstam. Koop je de boom voor de sier of als statige tuin- of erfboom, dan is een grotere hoogte juist een voordeel.
Bij de aankoop van een kersenboom is de hoogte bij levering (125 tot 150 cm) dus slechts een beginpunt. De uiteindelijke hoogte van je kersenboom staat of valt met de onderstam en hoe je de boom snoeit. Vraag daar bij aankoop altijd specifiek naar, zodat je niet voor verrassingen staat als de boom na tien jaar tegen je dakgoot aangroeit.

