Luis in een appelboom is een veelvoorkomend probleem dat je snel herkent aan gekrulde bladeren, plakkerige takken en kleine insectjes die in kolonies op de jonge scheuten zitten. Er zijn verschillende soorten luizen die appelbomen aantasten, waarvan de gewone appelluis en de appelbloedluis (Eriosoma lanigerum) de bekendste zijn. Hieronder lees je hoe je ze herkent, wat het verschil is, en wat je er effectief aan kunt doen.
Welke soorten luis komen voor in de appelboom?
De meest voorkomende is de gewone groene appelluis (Aphis pomi). Deze zit vooral op de jonge uitlopers en de onderkant van jonge blaadjes. De bladeren krullen erdoorheen, wat de boom er ziek uit laat zien. De luis zelf is klein, groen en bijna doorzichtig.
De appelbloedluis is een aparte soort en herkenbaar aan witte, wollige plukjes op de schors en takken van de boom. Dat witte spul is geen schimmel maar een wasachtige afscheiding die de luis zelf produceert als bescherming. Onder dat witte laagje zitten roodbruine luizen. Ze zitten vaak in wondjes, snoeiplekken of spleten in de schors. De appelbloedluis tast het hout aan en kan knobbelvorming veroorzaken aan wortels en takken.
Een derde soort is de meelbolluis of wollige appenlluis, die visueel op de appelbloedluis lijkt maar vaker op de vruchten zit. Het verschil tussen de soorten maakt uit voor de bestrijding, dus even goed kijken is de moeite waard.
Hoe herken je luis in je appelboom?
Controleer je appelboom regelmatig in het voorjaar, vanaf het moment dat de knoppen uitlopen. Dat is het moment waarop luizen zich het snelst vermeerderen. Let op deze signalen:
- Gekrulde of verkrampte jonge bladeren, soms aan de buitenkant plakkerig
- Plakkerige, glanzende laag op bladeren of takken (honingdauw, de uitscheiding van luizen)
- Witte wollige plekken op de schors of in boomwonden (appelbloedluis)
- Zwarte roetdauw op de bladeren (een schimmel die op honingdauw groeit)
- Mieren die over de takken lopen (mieren “melken” luizen voor hun honingdauw en beschermen ze actief)
Zie je mieren druk heen en weer lopen langs een tak, zoek dan altijd naar luizen in de buurt. Mieren en luizen zijn bijna altijd samen te vinden.
Wanneer is een luizenaantasting echt een probleem?
Een gezonde appelboom kan een beperkte luizenpopulatie goed zelf opvangen, zeker als er genoeg natuurlijke vijanden aanwezig zijn zoals lieveheersbeestjes, gaasvliegen en sluipwespen. Een lichte aantasting hoeft je niet direct te bestrijden. Het wordt problematisch als:
- De scheuten sterk vervormd raken en de groei achterloopt
- De appelbloedluis knobbelvorming veroorzaakt aan wortels of takken
- De honingdauw en roetdauw de bladeren bedekken en de fotosynthese hinderen
- Jonge of zwakke bomen aangetast worden, die minder herstelcapaciteit hebben
Luis in je appelboom bestrijden: van mild naar zwaarder
Begin altijd met de lichtste aanpak en schaal alleen op als dat nodig is. Chemische middelen doden ook nuttige insecten zoals bijen en lieveheersbeestjes, dus gebruik ze als laatste redmiddel.
Stap 1: Met de hand of waterstraal. Bij kleine aantastingen kun je luizen wegspuiten met een flinke straal water, of de takken afvegen met een vochtige doek. Dit werkt goed voor gewone groene luis op jonge scheuten.
Stap 2: Insectenzeep of groene zeep. Spray een oplossing van groene zeep en water rechtstreeks op de luizen. Dit verstopt hun ademhalingsporiën. Spuit bij voorkeur in de vroege ochtend of avond, nooit in felle zon. Herhaal dit een paar keer per week totdat de luizen verdwenen zijn.
Stap 3: Neem-olie. Neem-olie (een plantaardige olie uit de neem-boom) werkt als contact- en vraatremmend middel. Het is voor bijen relatief veilig als je het ‘s avonds spuit als bijen niet meer actief zijn. Het werkt ook goed tegen appelbloedluis.
Stap 4: Mieren bestrijden. Als mieren de luizen beschermen, heeft bestrijden van de luis weinig zin zonder ook de mieren aan te pakken. Smeer een ringvormige band lijmkit of gebruik een mierenbarrière rond de stam. Zo kunnen mieren niet meer omhoog.
Stap 5: Chemische middelen. Als niets anders helpt, zijn er toegelaten insecticiden op basis van pyrethrinen (van nature afkomstig) of synthetische middelen. Lees de etiketinformatie en gebruik ze alleen als de boom echt ernstig aangetast is. Vermijd gebruik tijdens de bloei om bestuivers te beschermen.
Appelbloedluis: een apart geval
Appelbloedluis is hardnekkiger dan gewone luis en zit verstopt onder haar witte laagje. Een waterstraal helpt om de witte beschermlaag te verwijderen, maar daarna moet je snel opvolgen met zeep of neem-olie, anders bouwt ze de bescherming opnieuw op. Snoei aangetaste takken indien mogelijk ruim weg en verbrand het snoeiafval, gooi het niet op de composthoop. Vul wondjes aan de schors af met wondbehandelingspasta om te voorkomen dat de luis er opnieuw in nestelt.
Een biologische oplossing specifiek voor appelbloedluis is de sluipwesp Aphelinus mali. Die legt eitjes in de luis, waarna de wesp de luis van binnenuit opeet. In warme zomers vestigt deze sluipwesp zich soms vanzelf. Je kunt hem ook bestellen bij gespecialiseerde leveranciers van biologische bestrijders.
Voorkomen: zo houd je de appelboom weerbaar
Een gezonde boom heeft minder last van luizen. Vermijd overmatig stikstofrijke bemesting: dat geeft weliswaar snelle groei, maar ook zachte, sappige scheuten waar luizen van houden. Snoei de boom goed zodat er voldoende licht en lucht door de kroon komen. Plant bloeiende planten in de buurt van je appelboom, zoals korenbloem, venkel of phacelia, om sluipwespen en lieveheersbeestjes aan te trekken. Hang ook een lieveheersbeestjeskastje in de buurt van de boom als je de populatie nuttige insecten wilt stimuleren.
Luis in een appelboom is bijna niet volledig te voorkomen, maar met een goede combinatie van regelmatig controleren, een weerbare boom en snel ingrijpen bij een beginnende aantasting, houd je de schade beperkt en de boom gezond.

