Een vijgenboom heeft betrekkelijk weinig voeding nodig vergeleken met veel andere fruitbomen, maar de juiste voeding op het juiste moment maakt een groot verschil voor de vruchtzetting en de gezondheid van de boom. De belangrijkste voedingsstoffen voor een vijgenboom zijn stikstof, fosfor en kalium, aangevuld met een aantal sporenelementen. Geef je te weinig, dan groeit de boom traag en draagt hij minder vrucht. Geef je te veel, dan schiet de boom juist te hard in blad ten koste van de oogst.
De voedingsstoffen die een vijgenboom nodig heeft
Stikstof (N) zorgt voor bladgroei en een stevige groene boom. Te weinig stikstof zie je aan lichtgroene of gele bladeren en een trage groei. Te veel stikstof is ook een probleem: de boom groeit dan weelderig maar zet nauwelijks vruchten aan. Een matige, gecontroleerde stikstofgift werkt het best.
Fosfor (P) is belangrijk voor een goed wortelstelsel en voor de bloei en vruchtontwikkeling. Vijgenbomen die te weinig fosfor krijgen, groeien langzamer en kunnen minder goed water en voeding opnemen. Kalium (K) versterkt de vruchten en verbetert de smaak. Een goede kaliumgift zorgt er ook voor dat de boom beter bestand is tegen droogte en ziektes.
Naast de drie hoofdelementen heeft de vijgenboom ook sporenelementen nodig zoals magnesium, ijzer, mangaan en zink. Een tekort aan magnesium uit zich in bladeren die tussen de nerven geel worden. IJzertekort veroorzaakt een vergelijkbaar beeld, maar dan juist bij jonge bladeren. Groeien de bladeren goed maar zien ze er bleek uit, dan is een tekort aan een sporenelement al snel de oorzaak.
Vijgenboom voeding: wanneer en hoe vaak geven?
Begin met voeden in het voorjaar, zodra de vijgenboom begint uit te lopen. Dat is doorgaans ergens in maart of april, afhankelijk van de locatie en het weer. Geef dan een meststof met een verhouding waarbij stikstof iets de boventoon voert, zodat de boom een goede start maakt.
Tijdens de zomer, wanneer de vruchten zich ontwikkelen, verschuif je de nadruk naar kalium. Een meststof met een hogere kaliumwaarde ondersteunt dan de vruchtontwikkeling het best. Geef voeding elke twee tot vier weken tijdens het groeiseizoen, en stop er in augustus of september mee. Daarna heeft de boom geen extra voeding meer nodig en mag hij langzaam naar rust gaan.
Een vijgenboom in een pot heeft vaker voeding nodig dan één in de volle grond. In een pot spoelt voeding sneller weg door het water geven, en de beperkte hoeveelheid potgrond raakt sneller uitgeput. Geef een potfijgenboom dan ook elke één tot twee weken een vloeibare meststof gedurende het groeiseizoen.
Welke meststof kies je?
Voor vijgenbomen in de volle grond werk je bij voorkeur met een organische meststof zoals compost of een langzaamwerkende korrelmeststof. Compost verbetert ook de bodemstructuur en het bodemleven, wat de opname van voedingsstoffen ten goede komt. Strooi in het voorjaar een laag rijpe compost rond de boom en werk die licht in de bovenste grondlaag.
Vloeibare meststoffen werken sneller en zijn handig voor in pot geteelde vijgenbomen of als je snel een tekort wilt aanvullen. Een universele vloeibare tuinmeststof of een speciale fruitboommeststof voldoet goed. Let op de NPK-verhouding op de verpakking: in het voorjaar kies je iets met meer stikstof (bv. 7-3-6), later in het seizoen meer kalium (bv. 5-3-8).
Vermijd meststoffen die zwaar zijn beladen met stikstof, zoals sommige gazonmeststoffen. Die stimuleren sterke bladgroei maar remmen juist de vruchtzetting af.
Bodemkwaliteit als basis
Voeding geven heeft weinig zin als de bodem zelf niet deugt. Een vijgenboom doet het het best in een luchtige, goed doorlatende bodem met een pH tussen de 6 en 7. Is de grond te zuur of te alkalisch, dan neemt de boom bepaalde voedingsstoffen simpelweg niet goed op, ook al zitten ze in de bodem. Test de pH van je bodem eens in de paar jaar met een eenvoudige bodemtestset en pas aan met kalk (bij te zure grond) of zwavel (bij te alkalische grond).
Een bodem die te nat blijft, blokkeert ook de voedselopname. Vijgenbomen verdragen geen natte voeten. Zorg voor voldoende drainage, zeker in zware kleigrond.
Tekenen dat je vijgenboom meer of minder voeding nodig heeft
- Lichtgroene of gele bladeren over de hele boom: waarschijnlijk stikstoftekort.
- Gele bladeren tussen de nerven bij oudere bladeren: vaak magnesiumtekort.
- Gele jonge bladeren terwijl oudere bladeren groen blijven: ijzertekort, mogelijk door een te hoge pH.
- Veel blad, weinig vruchten: waarschijnlijk te veel stikstof.
- Kleine, smakeloze vruchten: overweeg een extra kaliumgift.
- Donkergroene bladeren, sterke groei maar geen problemen: de boom heeft waarschijnlijk genoeg en hoeft niet extra te worden gevoerd.
Een vijgenboom is geen veeleisende plant, maar hij pikt het wel op als je hem volledig negeert. Met een eenvoudig voedingsschema, compost in het voorjaar en een vloeibare meststof tijdens het seizoen, houd je de boom gezond en krijg je elk jaar een goede oogst. Kijk naar de boom zelf: hij laat duidelijk zien of hij tevreden is.

